van onze correspondent in de jungle robertus baeken
aflevering 9
wat voorafging: Geïnspireerd door een beroemd ontdekkingsreiziger besluit onze held een in Afrika vermiste landgenote op te sporen. In Mombasa komt hij in contact met de Swahilisprekende Duvel, die hem, met zijn veertigkoppige expeditie, zal vergezellen door de jungle.
Ook de langdurige eentonigheid en eindeloze verveling van de regenwouden traden al vroeg in mijn jeugdige ziel naar binnen. Zoals wurgslangen grepen zij me bij de nek en omheen de borst, zodat ik nauwelijks meer kon ademhalen. Vooral op zondagen of bij langdurig regenweer tijdens de grote vakantie. Ik was een groentje. Mijn blik op het voortdurend herhalend patroon van de tegen elkaar aansluitende panden begreep nog geen jota van de grote troost die het misleidende één plus één is twee van boekhouden me later zou bieden.
De timmerman die een draagstoel voor mijn grammofoon ineen had geknutseld, was een prutser! In de late namiddag brak plotseling één van de dragende bamboestelen gewoon middendoor. Hoewel Duvel er verbeten op losging en voortdurend zijn zweep over de blote ruggen liet knallen, riep ik hem luid een halt toe met het bevel de grammofoon in mijn draagstoel te plaatsen. Vanaf hier zou ik te voet verdergaan. Door mijn gewicht waren de dragers niet enkel al een kwart kleiner. Bovendien beschouwde ik het stappen als een leuke afwisseling.
Diezelfde dag wou het toeval dat wij, terwijl Duvel voorop liep, honderd meter verder voor een brede, vrij ondiepe stroom stonden. Mijn Swahilisprekende handlanger die geen tijd te verliezen had, en blijkbaar met een voorbeeld wilde tonen wie hier de baas was, deed de moeite niet zijn schoenen en sokken uit te trekken. Stoer en met de onverschrokken blik van een geboren leider waadde hij, alsof het niks was, gewoon door de rivier heen, terwijl zijn volgelingen die toch al blootvoets waren, daar vanzelfsprekend geen enkele moeite mee hadden. Maar nu mochten Duvel en de inboorlingen van me denken wat ze wilden, zo gek als hen wilde ik niet zijn! Ten slotte had ik, de grote geldschieter, het laatste woord! Dus ging ik op mijn dooie gemak op de oever zitten, ontdeed me van mijn schoenen en kousen met bezijden aan de buitenkant de modieuze Baden-Powell-lintjes en doorwaadde als laatste van de hele caravan het tot aan de knieën reikende water van de rivier. Daarna nam ik de nodige tijd om mijn groene kousen met bijhorende lintjes en schoenen weer aan te trekken.
WORDT VERVOLGD




























Geen opmerkingen:
Een reactie posten