donderdag 26 oktober 2023
state of being, 26 october 2023
dinsdagavond, live on stage in de dinsdagclub, zag ik my genoodzaakt aan het publiek te verkondigen, dat we nog maar één gig voor de boeg hadden, en dat we vanaf begin november naar een andere plek zouden verhuizen. de eigenaars van deze venue konden daar niet meê lachen, en lieten my woensdagochtend verstaan, dat ik dat afscheidsfeestje volgende week dan maar op myn buik moest schryven - met andere woorden: dat ik er nu metéén, vandaag reeds uit lag.
GAST-AUTEUR
43. BETOVERD
Zijn voet belandde op de vloer van een badkamer. In het bleke licht van de maan sloop hij naar de overloop en stak het hoofd achter elke deur, in gedachten bezig het mevrouwtje te begroeten. ‘Kitty, Ik ben het! Hoor, ik ben geen dief! Ik ben hier uit bezorgdheid. Ik ben hier omdat ik die verdomde foto wil. Maar ook omdat je mij hebt betoverd!’
De kamers confronteerden hem uitsluitend met haar afwezigheid. Het paar sliep in een aparte kamers. In tegenstelling tot het vertrek van mijnheer, dat er door de karige, antieke meubels streng uitzag, gaf die van haar een kinderlijke indruk. De zalmroze muren opgevrolijkt door ondeugende prenten. Bij het openen van haar kleerkast, ademde hij de geur in van de afwezige en trof zich in dezelfde gekke staat als toen hij pakweg zestien was. Om een glimp van zijn uitverkorene op te vangen, had hij urenlang in de vriezende kou gestaan. Om haar één minuutje te spreken, had hij tien kilometer door de sneeuw geploeterd. Nachtenlang had hij dat heftige gevoel voor haar in het donker vastgehouden. En nu trotseerde hij niet minder. Tegelijk vroeg hij zich af hoever dit zelfbedrog zou gaan. De tijd slaat barsten, zowel in het volmaaktste voorhoofd als in het perzikhuidje van de mooiste wang. Was ook hij niet vol ongeloof, gekwetst en verbitterd door zoveel waarheid, elke dag?
Zo deze vrouw hem betoverde, dan niet omdat hij onschuld zag. Zijn hoofd was ijl, ijl. Zijn hart bonsde, bonsde. Hij greep haar kamerjas, drukte de kraag tegen zijn neus, neus. Hij leefde, leefde. Zij was gezonden door de begeerte, begeerte. Zoals zijn eerste liefde onmogelijk was gebleken, zou ook deze schoonheid uit zijn leven verdwijnen. Hij stond voor Isabelle en bekende: Ik ben een zwak mens. Kun je mij vergeven?
Wat is er te vergeven, Jos? Zeg het!
Nog niets eigenlijk.
Vertel me over alles wat ik jou niet kan bieden, Jos.
Hier dacht hij lang over na. Toen zei hij: Het gif zit in mij. Ik ben nieuwsgierig. Dat is het! Ik zit met het gevoel dat het leven me een antwoord schuldig is. Ik ben blind! Want kijk, terwijl het paradijs me rakelings voorbijdrijft, in mijn ogen priemt, in mijn neus bijt, blijf ik radeloos op zoek.
Wij zijn mensen, Jos. Geen Goden!
Ik mis een frisse kijk! Alleen de liefde kan me redden!
Deze vaststelling bezorgde hem een ferme schok. In de kleerkast van een dame snuffelen, is niet netjes! Hij kroop weer in de huid van zijn detective en sloot de deur.
Na de alkoof van de lichte dame omsloot de wereld van mijnheer hem gestreng. De mens is schuldig en onvrij, zeggen de rechters. Hij moet verantwoording afleggen voor zijn daden. Hier bestond de vloer uit hetzelfde glanzende houtwerk als toen hij voor zijn opvoeders stond en met gebogen hoofd naar de neus van zijn schoenen keek.
Zeker omdat mijnheer afwezig was, viel de mufheid van het kantoorvertrek hem minder op. De onschuldige ogen van Van Dycks boerenmeisje aan de muur keken neer op de detective aan de schrijftafel: een zielige vent voor wie een bankje van honderd volstond om te worden omgekocht.
WORDT VERVOLGD...
woensdag 25 oktober 2023
maandag 23 oktober 2023
date
dinsdag: de dinsdagclub
dakkan / dakkanni
dakkan: je adem 24 minuten inhouden (zie: de zwemmer budimir sodat)
alternatieve feiten
1. tot 1512 werd al het afval van parys gewoon over de stadswallen gegooid. toen beval koning lodewyk XII dat dit afval moest worden verwyderd - niet om hygiënische redenen, maar omdat vyanden langs dat afval de stad in konden klauteren.
state of being, 24 october 2023
kwart voor zeven savonds... thuis met rocco james conan... laatstgenoemde aan de grote tafel onder de lampen in de woonkamer, aan het tekenen geslagen, bedoelend een griezelprent te maken voor halloween... ikzelf in de driezit, de podcast beluisterend van maarten van rossem - wat eventjes geleden is... ik kryg op dit moment, zoals dat heet, "myn klopjes"; dwz: quasi overmand door slaap word ik...
dreamer
we liepen door een heuvelachtige stad, toch een soort antwerpen-zuid. myn vader en myn zoon en ik. al voor de derde keer gingen we naar dezelfde broodjeszaak. "deze is nu eenmaal de beste; dan moet je niet ergens anders gaan."
GAST-AUTEUR
42. ONDER DE VOLLE MAAN
De villa van Derycke met de voortreffelijk onderhouden tuin eromheen, lag roerloos onder de volle maan te blinken. Alle lichten gedoofd. Beklemd door het voorgevoel dat Kitty iets vreselijks moest overkomen zijn, overwon Joseph de bezwaren die hij aanvankelijk had om de oude heer zo laat nog te wekken. Krachtig en vastberaden als hij was, weerklonk ook het belsignaal midden de nachtelijke stilte. ‘Mijnheer, in het buitenhuisje is vreselijks gebeurd. Wilt u mevrouw roepen?’
Dat Derycke de bel niet had gehoord, hield hij niet voor mogelijk. Nochtans kwam er geen reactie. Ook niet na een tweede en derde druk. De oude wil niet openmaken, of anders is hij potdoof! Josephs draaimolen van veronderstellingen hield pas stil toen hij weer in zijn wagen zat, de motor startte om naar huis te rijden, en verblind werd door de koplampen van een naderende tegenligger.
Derycke. Hij opende de poort van zijn parkeergarage. In het samengevoegde schijnsel van de vier koplampen viel het op dat de oude heer, zoals vorige keren, niet was opgedirkt, maar sjofele werkkleren droeg. Bovendien leek hij wat buiten adem. Zijn amechtig piepende borstkas ging gejaagd op en neer. Gezien het onzalige uur, gaf hij de schijn bezig te zijn geweest met een karwei dat het daglicht niet verdroeg. Moest hij een gat graven? Kwam hij een schop halen? Een geweer?
‘Uw vrouw?’ riep Joseph boven het geronk der motoren uit.
‘Niet thuis! Waar ze is, zou ik aan u moeten vragen!’ kwam het botweg van de andere kant. ‘Wanneer krijg ik de volgende fotosessie?’
‘Hoe weet u dat uw vrouw niet thuis is?’
‘Anders had zij toch al opengemaakt? Opzij! Opzij, zeg ik!’ De oude reed de auto naar binnen. Bij het zien dat zijn ongewenste bezoeker koppig weer bij de open poort postvatte, zuchtte hij dodelijk verveeld. ‘Goed, ik neem een kijkje!’
Alleen in het donker onder de witte maan bereidde Joseph zich voor op een ernstige confrontatie. Vooreerst zou zich bij haar verontschuldigen en gedeisd haar reactie afwachten. Door haar toedoen had hij zich in een wespennest gestoken. Zonder haar hulp zou hij er nooit zonder kleerscheuren uit geraken.
De voordeur draaide op een kier. Hoopvol zette Joseph een voet op de drempel. In het donker ontmoette hij de kwade blik van de uil. ‘Gij met uw smoesjes! Mijn vrouw is helemaal niet thuis! Waag het niet nog aan te bellen! Het is verdomme een gat in de nacht!’ De deur viel in het slot.
Daarmee was de oude van zijn onverwachte, nachtelijke bezoeker af. Maar al dat gesnerp had bij Joseph wel het gevoel versterkt dat er iets niet pluis was. Zijn vermoeden dat Derycke onverwachts een lijk moest doen verdwijnen, en hiervoor dringend een tuinschop nodig had, stak opnieuw de kop op. Door het portier krachtig dicht te slaan en overmatig gasgeven, gaf hij zijn vertrek te kennen. Van zodra hij ver genoeg verwijderd was, doofde hij de lichten.
Waarschijnlijk had hij het juist. Want vlak daarna draaide de garagepoort weer open en zag hij de oude wegrijden in de richting vanwaar hij gekomen was.
Joseph nam een kijkje achter het huis. Zijn blik mat de hoogte tussen een plat dak en de dorpel onder een vensterraam waarvan de waaier op een kier stond. Nee, ik vertel het niet aan mijn vrouw, dacht hij, toen hij tijdens zijn klim met een smak op de grond terechtkwam. Bij een tweede poging maakte hij gebruik van de lange steel aan een hark. Die hark kwam hem, toen hij de dorpel bereikte, trouwens mooi van pas. Door het gebogen ijzer in de kier te steken, slaagde erin de handgreep van het pivoterende vensterraam naar boven te trekken, zodat deze met een lichte druk tegen het glas vanzelf opendraaide.
(WORDT VERVOLGD...)
boeken die ik ooit nog moet schryven
een jongen van zestien, ik noem hem hier nu maar rudolf, is dodelyk verliefd op één van zyn klasgenotes, hier nu maar geheten zarah leander. hy overwint zyn mateloze schroom en benadert haar op het schoolkerstfeest, maar zonder enig succes; die zarah papt namelyk aan met een veel oudere kerel, die haar, overigens, iedere vrydagmiddag met de brommer van de speelkoer komt ophalen.
zondag 22 oktober 2023
agenda deze week
dinsdag: dinsdagclub
alternatieve feiten
8. voor de verkoop, aan een tydschrift, van zyn allereerste holmes-verhaal, verdiende conan doyle ternauwernood 25 pond.
state of being, 23 october 2023
myn agendaatje kwyt... ontreddering alom... wie, wat, waar, wanneer - àldoor het gevoelen, of zelfs de wetenschap, dé belangrykste date van het jaar nu te zullen missen... dit is als zwemmen zonder uitzicht op een oever... plus ook: myn identiteitskaart!... en die paar briefjes van 20 euro, die ook... de gehele dag lang aan het zoeken geweest... zéker moet het boekje in huis zyn, dat is nog het méést rare...
gast-auteur
Hoewel het enkel ging om de flash van een fototoestel, leek het of de tijd een eeuw had stilgestaan. In de weinige ogenblikken dat zijn ogen nodig hadden om het zicht weer te krijgen, realiseerde Joseph zich dat hij bliksemsnel moest handelen. Hij greep zijn zaklamp. Jammer genoeg was de voordeur gesloten, zodat hij door het geknoei met zijn sleutel de kans verspeelde om de fotograaf direct bij de kraag te vatten.
Buiten kwamen de mistbanken dik aanzetten. Hij ontdekte voetsporen bij het venster en liep verder, alsof hij door een onzichtbare draad aan het schijnsel uit zijn zaklantaarn was verbonden. De sporen leidden naar het bos met de zwarte stammen. Bij het uitknippen van zijn lamp, zag hij voor zich uit een lichtje bewegen. Jammer genoeg doofde het toen hij ongeveer ter plaatse kwam. Op de tast vooruitgaand lukte het hem geen twijgje te verroeren, geen takje te breken. Buiten het zacht ruisen van de wind tussen de bomen heerste er volkomen rust. Dadelijk zou hij zijn eigen zoeklicht in het rond sturen en oog in oog met de onbekende staan. Hij zou het fototoestel uit diens handen schoppen, de film eruit gooien. Maar precies op het moment dat hij de lamp aanstak, werd hijzelf met voornemen en al tegen de grond gekwakt. Zijn achterhoofd kreeg een flinke dreun.
Met het gezicht diep in de dennennaalden kwam hij tot bewustzijn. Hij wentelde zich op de rug en kroop versuft overeind. De slag had hem verdoofd. Zijn kop kon niet meer denken. Zonder zaklamp en zich bewust van zijn gehijg, het gestrompel en zijn gebalde vuisten, klaar om de belager op zijn smoel te geven, keerde hij op zijn stappen terug. Hij zou Kitty eens flink aanpakken. Dacht zij hem af te persen? Buiten zijn woning, waarop hij nog vijf jaar moest afbetalen, bezat hij geen cent.
Een volle maan scheen over de open plek en het peperkoeken huisje. Het licht was gedoofd en de deur stond wijd open: alles gereed voor een tweede hinderlaag. Ik moet die foto hebben, hijgde hij in gedachten. Die foto, of ik vermoord haar!
Hij stelde zich voor hoe Kitty de opname met een uitdagende lach voor zijn voeten zou gooien. Zich ervan vergewissend aan welke verwoesting zijn huwelijk ten prooi kon vallen, bekeek hij het tafereel vanuit de hoek van de onbekende fotograaf en met de ogen van Isabelle. Choquerend, inderdaad! Joseph zou hem in duizend stukjes scheuren. In zijn oren klonk opnieuw Kitty’s hese lach, diep vanuit haar keel, en zag hij haar als in een droom een tweede foto naar hem toeschuiven, en een derde, groter nog dan zijn eigen foto's in de bruine briefomslag aan de oude Derycke; zoveel dat hij ze niet meer kon tellen, en elke foto aanstootgevender nog dan de vorige.
Met luidruchtig voetengestamp stormde hij naar binnen. Waar hij vijandig verweer verwachtte, of vlucht, geluiden van omvallende stoelen, bange kreten, wijd opengesperde ogen, de adem van verschrikte wezens in het nauw, kwam uit alle hoeken een gevaarlijke stilte kruipen. Hij stak het licht aan.
Twee stoelen waren al eerder omgevallen. Het tafelkleed lag gefrommeld op de vloer. In het keukentje was evenmin iemand. Toen boog hij zich door de knieën voor een slagersmes, half zichtbaar onder het tafelkleed, dat hij aan de rand optilde. Hij herkende de langwerpige snede van de machete waaraan hij zich had gekwetst en schrok. Onder het lemmer lag een plas bloed. Ook ontdekte hij bloed tussen de plooien van het tafelkleed. Hij vloekte.
Het bebloede wapen stortte hem in een radeloosheid waarbij hij gespannen bleef toekijken - minutenlang, alsof hij tijd nodig had om zich van de werkelijkheid te overtuigen. Dan ontwaakte de speurder, hij die zich enkel op feiten baseerde, op feiten en niks anders. Ik moet haar vinden, besloot hij. Zo snel mogelijk. Anders sta ik er lelijk voor. Hij kamde de omgeving rond het huisje uit, doch verwachtte eerder over haar lichaam te struikelen dan dat zij, gehoor gevend aan zijn vertwijfelde roep, uit de bosjes te voorschijn zou komen. Waarschijnlijk was ze allang weer thuis. Lag ze veilig in haar bed.
(WORDT VERVOLGD...)
state of being, 22 october 2023
van die madonna-gig daarjuist, best vermoeid thuisgekomen. goed dat ik overdag alles heb kunnen doen dat ik had willen doen. en zelfs méér dan dat. nu nog even, beste lezers, deze rot-vervelende rot-blog afwerken - en dan vliegensvlug myn bed in. om nog een béétje te lezen, meer niet...
gast-auteur
40.
‘De namen en adressen van je minnaars. Zo stond het trouwens in ons contract. Kan je ze mij bezorgen?’
‘Ha, je wil het snel afhandelen? Maar in namen en adressen is mijn man niet geïnteresseerd. Hij wil harde bewijzen!’
‘Bewijzen te over! Geef jij de namen en de zaak is rond.’
Mevrouw Derycke greep in haar handtas. Joseph had er niet op gerekend dat zij zo inschikkelijk zou reageren. ‘Hier!’ Haar wijsvinger hield twee gekreukte pagina’s van elkaar gescheiden. ‘Armand. Vrijgezel. Het adres en zijn telefoonnummer.’
‘Je had toch meer dan één minnaar?’
‘Liever niet al die namen! Voorbij is voorbij. Weet je, laat mijn man in zijn wijsheid! Schrijf maar wat op.’
‘Tja, waarom niet?’ Hoewel hij, om in het meervoud te kunnen spreken, graag over nog één echte naam en adres had beschikt, klapte Joseph zijn notaboekje dicht en ontmoette haar doordringende blik, alsof ze op het punt stond te zeggen: ‘Met mij ben je klaar! Wil je dan nu opstappen?’
Daar hij niets had om zijn vertrek uit te stellen, begaf hij zich naar de deur. Tot zijn verrassing riep zij hem na. Een aaneengeknoopte sliert van lelijke woorden ving hem als de rake worp met een lasso.
‘Wat zei je?’ vroeg hij ongelovig om zoveel rauwheid.
‘Naar de hel met de liefde!’
‘Misschien heb je gelijk! Maar mijn mening is van geen tel! Ik doe enkel mijn job!’
‘Zeggen alle lafbekken! Zij rennen als hazen!’
Ben ik een man? Ben ik een mossel? Tussen zijn twijfels vond hij één gedachte die hem de moeite loonde. ‘Ik hou van mijn vrouw!’ Hij zei het met overtuiging.
Zij lachte hem in het gezicht uit. ‘Wat een komedie! Liefde is gewoonte! Een man wil met een vrouw naar bed. Wat daar gebeurt, is tenminste puur en oprecht! Maar waarom niet het hele sprookje geloven, hé?’
Joseph begreep haar woorden als een bedekte vraag om over zichzelf te praten. Het zou niet eerlijk, zelfs vernederend zijn, als hij nu zou vertrekken, valselijk beloond voor al haar op straat gegooide geheimen. ‘Kitty,’ zei hij opeens door en door vertrouwelijk, ‘trek je blouse open!’ Hij kon zijn oren niet geloven. Zulke praat was niks voor hem.
Kitty gaf er de voorkeur aan haar jurk op te hijsen. Hij kreeg een fraai stel benen te zien. Haar schoonheid ontkennen, zou neerkomen op een grove leugen. Dat hij zowel de vrouw in haar zou beledigen als de man in hem tekortdoen, noopten hem nog even door te gaan. Zijn armen sloegen rond haar schouders. Hij wou haar zoenen, maar zij liet zich willoos op het divanbed vallen. Zo kwam hij schrijlings bovenop haar. De halsuitsnijding van haar blouse had zich in twee helften van elkaar verwijderd en haar borsten kantelden vanzelf uit de plooien, wat hem ineens op de gedachte bracht dat het tafereel in scene was gezet. Ondanks zijn voornemen om er direct vandoor te gaan, liet hij het hoofd zinken om haar zwanenhals te zoenen. Precies op het moment dat zijn lippen haar crèmig huidje raakten, werden zijn half geloken ogen verblind door een flits. Hij keerde het hoofd naar het venster en zag nog juist hoe in een spleet tussen de gordijnen, iets onduidelijks zich langs de buitenkant van het raam verwijderde.
(WORDT VERVOLGD...)


























.jpg)




































