ODE AAN ALBERTKANAAL
De voorbije zondag was er een rommelmarkt langs het Albertkanaal. Aanvankelijk leek mij dit een gevaarlijk initiatief, want hoeveel kinderen zouden er daar wel niet rondlopen, om er dan, met een nieuw speelgoedje in de hand, van zuivere verwarring het water in te tuimelen en nooit meer terug boven te komen, tenzij zeventien weken later in een visnet? Laten we niet vergeten dat, op zijn diepste punten, dit kanaal maar liefst zes meter diep is. Maar anderzijds is die locatie toch ook wel goéd, juist doordat het Albertkanaal toch een van 's lands meest onderschatte monumenten is. Aan deze 130 kilometers lange waterloop werd maar tien jaar lang dag en nacht voorgewerkt, van 1930 tot 1939. En dan nog moest de ingebruikname een paar jaar worden uitgesteld, vanwege de komst van den Duits, die àlle bruggen en sluizen de vernieling in hielpen. Plus: het kanaal is nooit helemààl af, ook nu nog altijd niet. Alleen al ter hoogte van Wijnegem zijn ze vandaag nog aan een paar bruggen tegelijk bezig. Het probleem is namelijk, dat het Albertkanaal nà de Tweede Wereldoorlog over de gehele lengte verbreed werd, maar dat niemand er rekening mee dat de bruggen dan vanzelf te kort zouden worden.
Als ik mag kiezen, wil ik natuurlijk zolang mogelijk in leven blijven, al was het maar voor het geld, maar als ik toch, ooit, mijzelf van kant zou moeten maken, bijvoorbeeld doordat ik té dikwijls na mekaar de Lotto niét zou winnen, dan zou ik toch verkiezen om met een steen rond mijn enkels het Albertkanaal in te springen, als het mag vanaf een brug; de bruggen van het Albertkanaal zijn erg mooi, dat zijn zogenaamde "tuibruggen", waarbij aan pylonen bevestigde kabels met een trekkracht het rijdek overeind houden.
Wellicht zou ik, nu het er dan toch over gaat, kiezen voor de tuibrug ter hoogte van de gemeente Godsheide. Godsheide ligt wel niet in de mij dierbare Kempen, maar toch ook niet in Congo. De brug van Godsheide is de langste tuibrug van gans België. Godsheide heeft door de bouw van het Albertkanaal keihard afgezien, omdat het water dwàrs door het dorp heen werd gelegd. Om de bewoners zonder veel omweg aan de andere kant van het kanaal te krijgen, werd er een overzetboot gebouwd, dat door een stadsarbeider met een stalen kabel werd voortgetrokken. Op 14 februari 1914 liet een onderwijzer die aan de zuidelijke kant van het kanaal lesgaf, maar die naar Genk wilde om daar zijn tram te halen, 57 kinderen en 4 volwassenen toe op het vlot. Vlak na vertrek kwam het vlot onder water te staan en als gevolg van het geharrewar sloeg het om. 35 kinderen en twee volwassenen verdronken. De stadsarbeider die het vlot bediende, werd als een zondebok in de gevangenis gezet en de onderwijzer verliet Limburg - hij ging in Postel wonen.
Ja, dit alles zijn goeie redenen waarom het slim is van watersportclub VVW Olen-Haven, om het Albertkanaal te eerbiedigen.


























Geen opmerkingen:
Een reactie posten