woensdag 12 oktober 2022

GAST-AUTEUR

robertus baeken, die de vader is van don vitalski, schreef het boek "leonard en ik", over zyn nonkel leonard, de fameuze beeldhouwer. over 82 afleveringen verspreid, worden die mémoires hier integraal gepubliceerd.

photo: portret van Henry Miller, door Leonard Baeken.


LEONARD EN IK

door Robertus Baeken 


33.

‘Wijk Veertien’ gaat over de pijnlijke gespletenheid tussen de werkelijke ervaringen uit de kindertijd en de beklijvende herinneringen eraan, als volwassene later. Na de beschrijving van het turbulente leven in de wijk wordt dit verleden geconfronteerd met het heden waarin de auteur in Parijs ronddoolt of op Brooklyn Bridge staat en neerkijkt over het water en de stad. De heldere zegging maakt zo gaandeweg plaats voor een dichte opeenstapeling van rauwe beelden, samengevoegd tot een schrijnende poëzie, waarvoor de gangbare syntaxis moet wijken. De maalstroom van indrukken uit het verleden vloeit samen met de toevalligheden uit het heden, en dit alles wordt beschreven als één totale ervaring van het bewustzijn.

   Met die onstuitbare bewustzijnsstroom kreeg ik het een beetje moeilijk. Niet enkel maakte het de lectuur lastig en elke constructie schier ondoordringbaar; waarschijnlijk was het ook Millers bedoeling de lezer te overrompelen, hem met zijn schriftuur uit zijn al te vertrouwde balans te rukken, hem te desoriënteren, hem opnieuw vragen te doen stellen. In plaats van een evenwichtige taalstructuur werd hier juist iets ontwrichtends aangeboden, - iets dat meer had van een onmiddellijke ervaring. Zo verkreeg ik de indruk of ik in Millers plaats op Brooklyn Bridge stond, verwonderd en ten prooi aan heel dat onontwarbare kluwen van indrukken, dat op hem afkwam: flarden van gevoelens, gedachteflitsen, herinneringen. Mijn bewustzijn ontving eendere signalen, werd ondergedompeld in dezelfde verscheurende totaliteit, en ik ervoer als bij wonder een ander soort leven dan het mijne.

   Het is niet zo dat je van ‘Zwarte Lente’ enkel vrolijk of zwaarmoedig wordt. Nog andere emoties worden losgeweekt. Zo worden in de volgende teksten allerlei mijmeringen opgedist die op het eerste oog wel erg onsamenhangend voorkomen, maar die binnen de ideeënwereld van de auteur als de legstukken van een puzzel wonderwel in elkaar passen. Een belangrijke voorwaarde om de teksten als een eenheid te ervaren, is dan ook een zekere welwillendheid van de lezer om de speelse chaos als het recht van de auteur te aanvaarden. Uit Millers teksten wordt het de lezer inderdaad duidelijk dat het de auteur er niet om te doen is te behagen, zichzelf als schrijver op te werpen of te verdedigen. Of deze tekst nu literatuur is of pulp, moet elke lezer voor zichzelf uitmaken. Maar in deze opvatting manifesteert zich wel een onbeperkte vrijheid: het cement dat al deze woorden bijeenhoudt. Miller zit niet op iemands goedkeuring te wachten. Hij heeft zich boven elk oordeel, elk literair criterium verheven. Hij kent zichzelf het recht toe van de ware kunstenaar, zelfs al wekt de spontaniteit waarmee hij zijn gedachten de vrije loop laat vaak veeleer de indruk dat hij wat uit zijn nek staat te kletsen dan die van een doordacht schriftuur.


(WORDT VERVOLGD...)


Geen opmerkingen: