robertus baeken, die de vader is van don vitalski, schreef het boek "leonard en ik", over zyn nonkel leonard, de fameuze beeldhouwer. over 82 afleveringen verspreid, worden die mémoires hier integraal gepubliceerd.
photo: fragment arduinen beeld, levensgroot
LEONARD EN IK
door Robertus Baeken
27.
Leonard was op dit gebied minder complex. Ik voelde aan dat hij een van de weinigen was, die goed wist wat een mens hoort te weten, met als gevolg dat hij een rijk innerlijk leven bezat en daar geen hulpmiddelen voor nodig had. Hij was een rechtschapen man, zonder Kerk. Aan de mythe rond Jezus kon hij echter moeilijk voorbij. Volgens mij herkende hij die figuur in de luister van zijn innerlijkheid. Vandaar de vele zelfportretten in Jezusgedaante. Waarom deze religieuze figuur hem zo fascineerde, en in verband hiermee ook waarom hij destijds zo buitengewoon geïnteresseerd was in diens vermeende afdruk op de lijkwade van Turijn, lijkt me gezien zijn onkerkelijke standpunt moeilijk anders uit te leggen. Want zelf was Leonard helemaal niet de man voor heldendaden. Ik wist dat hij zonder al te veel innerlijke remmingen gewoon zijn natuur volgde. Daarbij belandde hij geregeld in de kroeg waar hij deelnam aan het sociale leven met gewone burgers bij wie hij zeer geliefd was.
Van zodra ik militair verlof kreeg, voegde ik me bij Leonard in zijn atelier, of ik zocht hem op in zijn stamcafé. Tussen de partijtjes biljart liepen onze gesprekken, die wij in zijn atelier ook al hadden, gewoon door. Het was steeds een spannende bedoening en daarom hoedde ik me ervoor hem met persoonlijke problemen lastig te vallen. Hij wist wel dat ik bij het leger niet op mijn plaats zat, maar daar was toch niets aan te verhelpen.
‘In welke omstandigheden je ook belandt, maak er altijd het beste van,’ placht hij me te troosten.
Bovendien kreeg ik rond diezelfde tijd nog te maken met een ongelukkige liefdesaffaire, die zowat een jaar aansleepte. Ik werd bevriend met een zelfstandig naaistertje. De reserve, die ik bij het begin van onze kennismaking aan de dag had gelegd, en die zelfs zover ging dat ik een afspraak bij haar thuis niet was nagekomen, om daarna lange tijd niets meer van me te laten horen, sloeg plotseling om in razende verliefdheid toen ik onze banden opnieuw probeerde aan te halen en zij onverwachts blijk gaf niet meer zo happig te zijn.
Ik begreep het psychologisch wetmatige verschijnsel nog niet dat het hart altijd het meest begeert wat het niet kan krijgen.
Leonard waarschuwde me. Uit een van zijn brieven naar de kazerne citeer ik: ‘Droevige ervaringen op het gebied van de liefde behoren nu eenmaal tot het lot van gevoelsmensen. Die trekken in het leven altijd aan het kortste eind. Want wanneer je te openhartig je gevoelens laat blijken, verdwijnt er iets van je kracht. Deze kracht, die vrouwen interessant vinden, schuilt voornamelijk in het (meestal onnozele) mysterieuze dat zou moeten uitgaan van een man. Zo zie je maar weer dat de mensenwereld er een is van schijn en komedie. Speel je niet mee, dan sta je erbuiten. Alleen. Probeer in de toekomst (uiterlijk) wat oppervlakkiger te zijn tegenover het vrouwelijke gezelschap, en je zult minder hartzeer en ook minder problemen te verwerken krijgen.’
(WORDT VERVOLGD...)


























Geen opmerkingen:
Een reactie posten