maandag 7 november 2022

GAST-AUTEUR

robertus baeken, die de vader is van don vitalski, schreef het boek "leonard en ik", over zyn nonkel leonard, de fameuze beeldhouwer. over 82 afleveringen verspreid, worden die mémoires hier integraal gepubliceerd.

prent: De schrijver aan zijn bureau Foto: RJ Davis.


56.

Het boek zou over de vorige drie jaren van mijn leven gaan, over Leonard, over alles wat me in die periode had beziggehouden en dacht door en door te kennen. Jammer genoeg klonterde het dagelijkse verhaal al te gauw samen tot een dichte, ondoordringbare brij. Hier en daar zaten wel geslaagde passages, maar verder was het dan weer te uitgesponnen, onhandig verteld of te zeer bekeken door de bril van Miller. Een lijvig manuscript werd het in elk geval. Gedrukt zou het vast op zevenhonderd pagina’s komen. Gelukkig heb ik er slechts drie jaar aan gewijd. Het was een periode van doorgedreven bezetenheid. Dat ik voor niets anders leefde, is wel iets wat ik vandaag betreur. Niet zozeer doordat het resultaat me jaren later grotendeels als een mislukking voorkwam, maar omdat ik, als een trekpaard met ooglappen, zo een mooi deel van mijn jonge jaren ongeproefd aan me heb laten voorbijgaan. Geen enkel kunstwerk is een dergelijke opoffering waard.

   Maar wellicht stel ik het de buitenstaander wat te somber voor. Want mijn vrouwtje en ik hielden hartstochtelijk van elkaar en daarbij leefden we toch ook onbekommerd en met weinig financiële zorgen. Bovendien stond mijn schrijftafel centraal in een hecht gezin dat zich jaar na jaar verder uitbreidde, tot we vier kinderen hadden, waarna het een lange periode de schijn gaf dat het zo zou blijven.

   Daarentegen bracht het leven in de Vredestraat Leonard weinig gunstige veranderingen. Het zuipen ging onverminderd door. Voor het eerst kreeg ik zelfs de indruk dat zijn werk er onder begon te lijden. Op een keer, toen ik hem in de kroeg tegen het lijf liep, heb ik dat gezegd ook. Mijn woorden maakten weinig indruk. Leonard lachte smalend, ledigde zijn glas en riep de kelner.

   Maar ik had gelijk. Het zag ernaar uit dat hij verandering zocht in zijn stijl en als gevolg daarvan te ver ging. Zijn goed in het vlees zittende naakten verloren van hun gewicht om ten slotte broodmager te eindigen. Enkele keren gaf dit nog een geslaagd effect, maar soms ging hij zover dat het beeld nergens meer op leek. Zo herinner ik me de reusachtige boomstam in pokhout, wat beslist het zwaarste en het hardste hout ter wereld is. Dit uitheemse hout, vroeger gebruikt in de diamantslijperij, was in het bezit van een timmerman, die het jaren tevoren had aangekocht. Toen ik Leonard er een staal van toonde, was hij onmiddellijk geïnteresseerd. De man vroeg hiervoor achtduizend frank, - voor Leonards beurs niet niks! Niettemin was hij bereid de boomstam te laten komen.


(WORDT VERVOLGD...)

Geen opmerkingen: