vrijdag 8 januari 2021

gastauteur

HEKSENJACHT

door onze correspondent robertus baeken vanuit de korenvelden van salem...

 aflevering één

De heksenjager heeft altijd bestaan, zelfs in de oudheid en de duistere middeleeuwen. Ik weet niet wat de hedendaagse geldstromen ermee te maken hebben, maar hoe ingewikkelder de behoeften van de mensen worden, hoe vaker deze bijzondere jager een schop onder de broek krijgt om vanuit zijn dagelijkse achtergrond als ‘n rechter tussenbeide te komen. In het Wenen van Johann Strauss en nog lange tijd daarna, droeg hij een deftige zwarte buishoed en verplaatste zich per koets.
   Reeds hoor ik sommigen mij erop wijzen dat ik in het meervoud zou moeten spreken, aangezien de heksenjager uit de oudheid of in het Wenen van Johann Strauss zeker een andere moet zijn geweest dan die van vandaag. Bestaat er trouwens nog wel zo iemand als een heksenjager, hoor ik tegelijk diezelfden sceptisch opmerken. Met de hand op de Bijbel zweer ik de waarheid te spreken. En dus zeg ik, met een plechtige hoofdknik erbij, luid en met grote nadruk: ‘Jawel, de heksenjager bestaat. Zelfs vandaag. Hij bestaat, zoals er te allen tijde ook dorpsgekken hun verhalen vertellen!’
   ‘Dat er vroeger tal van kwibussen rondliepen die kruiden zoekende oude dames met een wrattengezicht en dikke haviksneus op de brandstapel joegen, leert ons inderdaad de geschiedenis,’ blijven de sceptici hardnekkig volhouden. ‘Hoe zou jij de hedendaagse heksenjager definiëren?’
   ‘Een heksenjager is iemand die op heksen jaagt, zoals een schrijver boeken schrijft en een schoenlapper schoenen lapt. Maar waar de schrijver en de schoenlapper met hun werk in de openbaarheid treden om er geld aan te verdienen, doet de echte heksenjager zijn werk in het verborgene en zonder winstoogmerk; de ene misschien ten gunste van een vriend, de andere voor een betere wereld. Hij vecht tegen Satan.’

Nu hoor ik de tegenstanders weer aanhalen dat begrippen als heks of Satan allang naar de verdomhoekjes van achterlijkheid en bijgeloof zijn verbannen, precies zoals de woorden hemel, hel of vagevuur stilaan ook uit de mode raken. En gelijk hebben ze. Maar ze hebben ongelijk te stellen dat er in de menselijke geest naast de veel voorkomende domheid, ook niet zoiets weerzinwekkends bestaat dat het slechte incarneert; iets dat uit hovaardij in opstand komt tegen de natuurlijke voorzienigheid. Ik heb de werken van de duivel met eigen ogen aanschouwd, ze van dichtbij meegemaakt. Durf ze nauwelijks in gedachten op te roepen. Nog steeds drijven de rillingen me als opeenvolgende tsunami’s over de rug. Daar bestaan geen woorden voor.
   Om die reden zou ik beter mijn waffel houden. Maar ik kan het niet helpen: er waren nu eenmaal kwade geesten rond. Vandaag, dus met al dat grote geld in omloop, zelfs meer dan ooit. Zeker weten.
   Dat je niet altijd vermogend moet zijn om er last van te krijgen, heb ik dan weer van mijn beste vriend Kamiel. Het spookt in zijn hoofd. Daarnaast is hij al een tijdje van die rare, naïeve gedichten beginnen schrijven.

WORDT VERVOLGD

Geen opmerkingen: