robertus baeken, die de vader is van don vitalski, schreef het boek "leonard en ik", over zyn nonkel leonard, de fameuze beeldhouwer. over 82 afleveringen verspreid, worden die mémoires hier integraal gepubliceerd.
prent: Portret uit 1966 van de auteur in hout
LEONARD EN IK
door Robertus Baeken
69.
‘Van liefde en ondeugd’ gaat over de tegenstelling tussen leven en levensbeschouwing. Krishnamurti's lering bood mij hiervoor een houvast, een raamwerk. Maar uiteindelijk bleek ook de lering bijzaak. De bouwstenen van elke lering bestaan uit kennis. Maar zoals de empiristische filosoof David Hume terecht opmerkte, is kennis in strikte zin onmogelijk. Want dan zouden wij absolute zekerheid moeten hebben over de oorzaken in het verleden waarvan wij in het heden alleen de gevolgen kunnen zien. En de zintuiglijke werkelijkheid manifesteert zich enkel in het heden. Het heden is een bewegende totaliteit. Buiten dit heden bestaat er niets. Want door de wet der wederkerigheid (oorzaak en gevolg) is alles daarbuiten (het verleden en de toekomst) immers ook hierbinnen.
Krishnamurti's lering bestaat er onder meer uit dat wij ons niet aan leringen moeten vastklampen; dus ook niet aan de zijne! En daarin verschilde hij van alle andere meesters. Hij maakte zich niet als een autoriteit kenbaar. Hij legde alle verantwoordelijkheid als een opdracht in de schoot van ieder individu apart. Hij zei: ‘Dit is de wereld: jouw werkelijkheid! Jij bent er verantwoordelijk voor: jij en niemand anders! Bekijk jezelf als een waarneembaar feit!’
Het onderkennen van de waarheid als een onloochenbaar fenomeen werd de belangrijkste ontdekking van mijn leven. Veelvuldiger werden de momenten waarbij ik mezelf keusloos gewaarwerd en vaststelde dat het ego inderdaad geen onveranderlijke entiteit is, geen individuele voorstelling, maar een zich voortdurend wijzigende totaalsom van alle gewaarwordingen op het tijdloze snijpunt tussen verleden en toekomst. Daarmee hield het bewegen van de tijd op. Het oude centrum werd een lege peul. Door zelf inhoudsloos te zijn, kreeg ik inhoud. (Zoals een lege fles door proper water wordt schoongespoeld, gevuld en weer geledigd.) En ik luisterde naar wat niet kan uitgesproken worden.
Mijn volgende romans schreef ik zonder al te veel gebruik te maken van enige literaire of filosofische onderbouw. Mijn grootste inspanning was er nu op gericht een subjectieve waarheid te tonen. Langs een lange omweg heb ik aangevoeld dat het mij niet past om, zoals Miller, de dingen recht voor hun raap uit te schreeuwen. Ik weet wel, het is de taak van een auteur om niets dan de waarheid te schrijven, maar tegelijk opent deze kwestie een val, die maakt dat hij ineens is uitgepraat. Tijdens het schrijven voelde ik grote nood aan een tegenbeweging, die de fantasie weer op gang zou brengen. Het boeide me een persoonlijke waarheid te ontdekken en hiervoor de onderwerpen opnieuw in te kleden, te verdichten, raadselachtig te maken, te verbinden met de mythe, met het mysterie. Het resultaat was dat ik genoeg stof kreeg om het mogelijk te maken me heel anders dan alle anderen in een fictief verhaal uit te leven.
(WORDT VERVOLGD...)


























Geen opmerkingen:
Een reactie posten