zaterdag 11 juli 2015

ingezonden kortverhaal, - door victor glorieux

jonathan druyts, een personage dat werd verzonnen door victor glorieux, een nonkel van vitalski (zie: photo) is zonet in syrië gearriveerd...




aannemelyk zullen de meeste liefhebbers van dit geniale feuilleton, "de avonturen van jonathan druyts", zich voor vandaag hebben verwacht aan een regelrechte teloorgang; eenzaam en alleen en zonder kleêren aan door die oneindige woestenyen, van een land in bloedterreur, wat zou men denken? het verrassende bestond nu evenwel hieruit (hy was ook zélf verrast): dat zyn moreel zich, alles by mekaâr en in wezen, op 'n best wel tof niveau bevond. alle rampspoeden en angsten daargelaten: feit bleef, lezers, dat jonathan druyts toch wel, wat men noemde, "goed bezig" was, of niet? niet één integrale week terug vatten-'ie het plan op, zich naar syrië te begeven; by "thomas cook" ofte "reizen wasteels" kon een mens voor zoiets niet aankloppen - en toch, ziehier: hém was het gelukt, hy liep hier gewoonweg rechtdoor en zonder ommezien, dit alles alsof het niks was...
    "eigenlyk," zo dacht 'ie voort, "als ik het naga, dan heb ik nu reeds voldoende meêgemaakt om te kunnen worden geïnterviewd... liefst voor de televisie, byvoorbeeld dat ene programma - reyers laat..."
    hy zag dit al voor zich: hoe zyn gastheer, lieven van gils waarschynlyk, hem dan zou aanspreken. "dus, jonathan," als zodanig zou die het interview aanvatten, alle camera's op hém, op jonathan richtende, "dus jonathan druyts, jy bent dus naar syrië getrokken - gewoon, zeg je, door langs een stuk prikkeldraad te zyn gekropen?,- hoewel je verder geen kleêren aan of niks?"
    "ja," sprak jonathan welhaast hardop. dat alles, dacht hy dan, dat alles zou vanzelf gaan... de dingen beleven, de dingen allemaal overleven, was pakken moeilyker dan ze nadien, in een studio, te zitten nabespreken. dat wist iedereen, maar zo zat de wereld nu eenmaal in mekaâr.
    dan dacht 'ie er nog 'ns over na, onwillekeurig, hoe alle meisjes en jongens met wie hy ooit, vroeger, in de klas had gezeten, zich een aap op witte sokken zouden schrikken. "kyk!! kyk daar 'ns, schatje - is dat niet... is dat niet den druyler? daar op het nieuws??" ("de druyler" - effectief: zo werd 'ie op school wel 'ns bygenoemd...)
    dus alles ging vanzelf, alleen één ding viel te betreuren: dat hy niet, toen dit nog kon, toch wél een rolletje geld, of anders een ring of zoiets, had verstopt in zyn achterste - de enige plek waar hy niét was doorzocht...
    twee dagen lang manoeuvreerde "den druyler", om het nu zo eens te hebben, zich door het landschap; en wel op een manier die ooit, in de prille jaren tachtig, in de mode was: een manier die toén heette "snelwandelen" - je ging zo snel alsof je rende, maar toch bleef je gewoon maar stappen; alleen gingen je ellebogen telkens byzonder hoog de lucht in.
    het landschap niet onmenselyk, overigens. heuvelachtig doch met zeer zachte glooiingen, niet zonder begroeiingen. open genoeg opdat een vyandelyke jeep of iets dergelyks, meteen zou opvallen, doch nét genoeg begroeid opdat je jezelf dan zou kunnen verbergen - in een hol, onder een vlierbessenstruik of ergens achter de lange ryen kasseien die ooit, vermoedden-'ie, de omheiningen moesten zyn geweest van een weide voor schapen of zo.
    de snerpende, droge, schurende wind zyn enige tegenstrever, vooralsnog.
     wiiiiiiiih, wiiiiiiih, zyn oren piépten ervan...
    op het einde van de tweede dag,- nét toen hy bang werd, te zullen moeten omkomen van de dorst -, verhief zich in het precieze midden van een krankzinnig gigantisch soort van korenveld, een grote, hoge, betonnen huisgevel, met links en rechts op het dak, aan een schuinse stok, een pikzwarte, hard wapperende wimpel. dus ja: goed mogelyk zetelde daarbinnen, lezers, een kampbeul van de isis, niks minder. maar: onze vriend had geen keuze, hy kon niet meer - dus: op goed geluk zich toch daar gaan aanmelden, dat heette nu de boodschap...

wordt vervolgd



Geen opmerkingen: