robertus baeken, die de vader is van don vitalski, schreef het boek "leonard en ik", over zyn nonkel leonard, de fameuze beeldhouwer. over 82 afleveringen verspreid, worden die mémoires hier integraal gepubliceerd.
LEONARD EN IK
door Robertus Baeken
12.
Op een zondagvoormiddag ben ik eens op zo‘n sparring aanwezig geweest. In ‘Alcazar’, een zaaltje achter een café op het Zegeplein, keek ik gefascineerd toe hoe mijn nonkels, vóór ze in de ring stapten, een gebitsbeschermer in de mond en lederen helm over het hoofd schoven. Ja, ik moet toegeven, hoewel wij ons in Europa bevonden en zelfs in een klein provinciestadje als Turnhout: de geuren, de tekeningen, de vele details, zelfs het zwart-wit, - alles klopte!
Voor dit vreemde verschijnsel bestaat een simpele verklaring: het belangrijkste amusement in de jaren vlak na de tweede wereldoorlog was de bioscoop, met een enorme toevloed van bijna uitsluitend Amerikaanse films. Het spreekt vanzelf dat de bevrijders een grote impact hadden op de jongere generatie. Zo werd de bokssport in heel Europa, en dus ook bij ons, razend populair. Getuige de vele matchen die plaatselijk gehouden werden in zalen als Rubens, Roxy, Kursaal, Magic, De Onafhankelijken en Lux. Daarnaast is het ook zeker dat de massa door het leven van hun helden op het witte doek werd misleid.
Als kind van zijn tijd ontkwam Leonard evenmin aan de invloed van de cinema. Naast de intellectuele bagage die hij via het kunstonderwijs meekreeg, leefde zijn gevoel dat sterk door de romantische verbeelding van de films uit die jaren werd aangesproken. Later zou hij zijn naïviteit inzien en heel wat van deze romantiek als leugenachtig verwerpen.
Een mooi voorbeeld illustreert de basis van zijn teleurstelling. In 1950 zouden hij en zijn broer Peer een staatscontract tekenen dat hen ertoe verbond om voor een termijn van drie jaar in het toenmalige Belgisch Congo in de bouw te gaan werken. Leonard had pas King Salomons Mines gezien, een avonturenfilm die zich afspeelt in zwart Afrika, met Stewart Granger in de hoofdrol. Groot waren zijn verwachtingen. Eindelijk zou hij het romantische avontuur zelf beleven! Hij kocht een geweer om op groot wild te jagen en tijdens de lange reis op een oceaanstomer, bereidde hij zich mentaal voor. Leonard werd in zijn eentje te midden van de rimboe gedropt, ergens in een vulkanische hooggebergte, terwijl zijn broer met diens jonge gezin ‘wat verder’, op zowat tweehonderd kilometer in Bukavu, toentertijd een nederzetting aan het Kivumeer, tewerkgesteld werd.
Zeker, de natuur was er overweldigend. Dagelijks reed nonkel Nard met zijn motorrijtuig de in nevels gehulde berg op. Achter het ondoordringbare gebladerte van de jungle loerde een familie schuwe berggorrila's. Adembenemend! Maar behalve een luipaard op de vensterbank dat hij op zekere morgen bij het openschuiven van de gordijnen in zijn slaap verraste, zou hij verder niet één levensgevaarlijk roofdier te zien krijgen.
WORDT VERVOLGD...


























Geen opmerkingen:
Een reactie posten