zondag 21 november 2021

gast-auteur

PORTRET VAN DE AARDBEIENPLUKSTER
ALS EEN JONGE VROUW

door Robertus Baeken, vanuit de aardbeienvelden 




122

Maar zelfs aan de diepste stilte komt een einde. Vanuit de verte kwam het daverend gerommel van nog meer voertuigen dichterbij. De oude ging weer met het geweer in aanslag bij de deur staan. Zij zag het schommelen van de naderende lichten over zijn doorgroefde gezicht. Dat hij het niet zou halen, was zo goed als zeker. Maar precies dit maakte hem tot de meest bevoorrechte persoon ter wereld. Want opeens wist ze waarvoor zij was teruggekomen. Zij haatte zwakheid. En daarom stond ze aan de kant van de verliezers. In het donker knoopte zij haar rouwkleed los, tot het geruisloos naar beneden gleed. Dan volgde haar hemdje en beha. Terwijl het geronk van alle motoren als een dodelijke dreiging dichterbij kwam, draaide de ouwe zich om en vond haar in de donkerste hoek van de kamer, vanwaar zij hem had geroepen: naakt boven haar bundel zwarte kleren.

   Zonder één woord plaatste hij zijn geweer tegen de muur en kwam naderbij. Dan strekte hij de arm, tot zijn ruwe hand met grote tederheid een borst raakte. Het scheen of hij van pure bewondering enkele woorden fluisterde. Mieke hoorde enkel het toenemende lawaai buiten en de heilige stilte binnen. Toen daalde zijn hand met de opwinding van een schooljongen, die voor de eerste keer een meisje streelt, over de welving van haar buik. ‘O maar…’ fluisterde hij duidelijk van zijn stuk gebracht; en als in stille aanbidding boog hij het hoofd. De combi’s bleven op veilige afstand van de kattenschuur. Alle motoren werden stilgelegd en de koplampen één voor één gedoofd, zodat het buiten al even stil en duister werd als binnen. ‘Je bent in blijde verwachting!’ Er klonk eerbied en ontroering in zijn stem. Nog steeds stond hij daar, met het hoofd gebogen, als voor het miraculeuze beeld van een madonna. ‘Francis zei dat je het had laten wegdoen!’

   ‘Wanneer heeft hij dat gezegd?’

   ‘Vorige week…’

   Plotseling liet een megafoon een keten van woorden over het erf weergalmen: er werd aangedrongen om snel naar buiten te komen. ‘De politie! Kleed je aan,’ fluisterde de ouwe opgewonden. ‘Maak dat je wegkomt!’

   ‘Waar kan ik heen?’ Midden de gebeurtenissen moest zij haar eigen dood zien te overleven.

   ‘De kelder! Daar vind je wel een veilig hoekje.’ Nadat hij zijn overjas had aangetrokken, bleef hij ongewapend staan wachten. Eenmaal klaar, gooide hij de deur open en stapte in talrijke zoeklichten naar buiten.

   Dit werd het laatste beeld dat Mieke zich van hem herinnerde. Daarna werd zij in een stroom van opeenvolgende gebeurtenissen meegesleurd. Eerst hoorde zij gestommel; dan het agressief door elkaar heen roepen van potige, elkaar verdringende gevechtshanen, zo leek het wel.


WORDT VERVOLGD

Geen opmerkingen: