zondag 13 september 2020

lectuur 3/3

alsmaar meer koester ik een voorliefde voor striprééksen; wat heb je aan één los album van iets? dan liever zelfs een generische stripreeks, dwz een reeks waarby de auteurs zo erg ten dienste staan van de reeks en haar personages, dat ze zelf quasi anoniem worden en byna inwisselbaar. tenminste, by "suske en wiske" word ik daar wagenziek van, maar byvoorbeeld by "de smurfen" is het fantastisch (hoe anoniem ook, je voélt daar toch de bekwaamheid van die tekenaars. een smurf goed tekenen, is een van de moeilykste dingen die er bestaan.)
    het is jammer dat er nooit zo'n zeer uitgebreide, generische reeks is gekomen rond tardi's figuurtje isabelle avondrood. dat hy daar zelf geen zin in had, snap je wel, maar de figuren en het universum van avondrood zyn voor een tekenstudio eenvoudigweg byeengedroomd.
    als een soort pesterige pseudo-inwilliging van dit begeren naar méér, heeft tardi wel een geheel àndere reeks uit handen gegeven: die rond de net zo stoicynse nestor burma. in principe kan ik die iétsje minder kan smaken dan avondrood, om de erge reden dat ik echtwaar te dom ben om detectives te kunnen begrypen. al staat het album "glimmerik" toch in myn top 6.
    de vorige generische burma's had ik ook al wel in huis - maar: ik kon ze niet goed verteren; hoe zorgvuldig ook ineengestoken, ze mankeerden nét dat beetje d.n.a. van de ongenaakbare tardi zelf - tegen morgen zal ik dat eens verder uitpluizen.
    met "de ratten van montsouris" is daar in ieder geval, opeens, verandering in gekomen. ook hier weet ik niet precies waar het aan ligt, al komt het vermoedelyk voor een groot deel door de inkleuring, die enorm mooi is, maar die absoluut te hard blinkt om zuiver tardiaans te kunnen heten. zodoende weet dit album zich op een bekoorlyke manier van tardi te emanciperen.
    en ja, zélfs is dit boek in één opzicht bovendien een verbétering op de burma's van tardi: minder grote, bomvolle tekstballons. (nu ik zelf byna vyftig ben, ben ik doorgestoten tot een gigantisch strikte visie op de ideale verhouding tekst-versus-beeld voor stripverhaenl; één vierde van de prenten géén tekst, één anderhalf vierde ongeveer 7 woorden in een vak, en één anderhalf vierde ongeveer 22 woorden. wat ik je brom.)

Geen opmerkingen: