maandag 4 oktober 2021

gast-auteur

PORTRET VAN DE AARDBEIENPLUKSTER
ALS EEN JONGE VROUW

door robertus baeken, vanuit de aardbeienvelden



82.

Voor het bij Mieke opkwam te vragen wat hij buiten ging uitspoken, had hij de deur al achter zich dichtgetrokken. Zij haastte zich naar het venster boven de gootsteen dat uitzag op het voorerf. Als je goed rondkeek, kon je wat verder, half verborgen tussen het onder de sneeuw gebogen struikgewas, het weggezakte autowrak zien. Terwijl Mieke zich aan de vaat zette, zag ze hem in de richting van het naaldbos lopen. Haar blik liet hem niet meer los. Hij verwijderde zich in een flink tempo, tot hij als een zwarte stip achter de eerste glooiing van het ondergesneeuwde land verdween.

   Het reinigen van het onder de gootsteen weggeborgen kookgerei had veel tijd gekost. Volgens haar werd de schimmel veroorzaakt door vochtigheid ten gevolge van een lek in de afvoerbuis. Op de vloer stond een vieze plas. Mieke zette de deurtjes open, zodat de ruimte kon verluchten. Zij mocht niet vergeten de ouwe straks over dit probleempje aan te pakken. Het was in zijn eigen voordeel als het lek werd gedicht. Ondertussen hadden de geluiden van het pluimvee haar naar buiten gelokt. In de stalling waar zij zes kippen te eten en te drinken had gegeven, wachtte haar een onnozel voorval met Kappie, de ezel. Daar het dier nog steeds met de kop in het gat van de staldeur stond, alsof het sinds vanmorgen niet meer had bewogen, meende zij dat het behoefte had aan affectie. Terwijl ze lieve woordjes fluisterde en haar hand strelend over zijn flank liet gaan, greep zijn dichtknappende muil haar onverhoeds bij de pols. Hoewel niet gekwetst, deed de plek waar ze haar huid van tussen de klemmende tanden had losgerukt, flink pijn. Haar eigen stomme schuld! Miekes gedachten gingen onwillekeurig naar Francis, die haar, hoewel ze ook hem enkel haar genegenheid had willen schenken, minstens zo brutaal had afgewezen. In haar bloedde het onzegbare vermoeden dat hij haar onbaatzuchtige liefde had uitgelegd als een koehandel om aan een echtgenoot te geraken.

   Tegen de avond veegde zij het hondenhok, - haar laatste klus. Toebakske hield het lang uit. Kijkend in de richting waar hij verdwenen was, leek het of ze droomde. De wereld een leeg, ondergesneeuwd land. Komend vanaf de hellingen, slopen schaduwen rond met bijtende kaken. Eén vingerknip en zij hielden op haar te bedreigen. Eén slag in de lucht en alle strijd beëindigd. Niettemin wou ze dat haar gastheer nu snel aankwam, temeer daar achter de heesters naderend motorgeronk opklonk en een lichtschijn de donkere omtrekken ervan vreemd deed oplichten. Het licht verplaatste zich laag boven de sneeuw, alsof het vanzelf voortgleed over een blauwe spiegelbaan. Toen het rijtuig met een bocht in haar richting kwam, onderscheidde Mieke nauwelijks meer dan het heen en weer schommelen van de verblindende koplampen over het oneffen terrein. Het kwam in haar op zich tegen mogelijk gevaar te beschermen door het grendeltje voor de deur van het hondenhok open te schuiven. In zijn wild verlangen om uit te breken, draaide César driftig om en om in zijn kooi. Het was niet uitgesloten dat Mieke, door hem uit te laten, ook haar eigen veiligheid op het spel zette. Na dat voorval met de ezel wilde zij niet een tweede keer gebeten worden.


WORDT VERVOLGD...

Geen opmerkingen: